23 juni 2026
'Bestuurlijke spagaat': SGP over huisvesting statushouders
Maandagavond 22 juni debatteerde de gemeenteraad met wethouder Van der Borg over het Papendrechtse huisvestingsplan voor statushouders. Namens de SGP voerde fractievoorzitter Ardjan Boersma het woord. Lees of bekijk hieronder zijn bijdrage aan het debat.
‘Democratie is geen staatsvorm voor bange mensen’, zei ooit een minister. Zonder in te gaan op de context: hij had gelijk. Democratie is inderdaad niet voor bange mensen. In een democratie kan het botsen. De temperatuur kan hoog oplopen. Burgers kunnen lijnrecht tegenover elkaar komen te staan en het faliekant oneens zijn met besluiten van de overheid.
Maar er zit ook een andere kant aan. Ook besturen in een democratie is niet voor bange mensen. Want als bestuurder moet je soms besluiten nemen waarvoor weinig draagvlak bestaat. Daar is moed voor nodig. Want er zullen altijd inwoners zijn die het oneens zijn met bestuurlijke besluiten. Dat is logisch, omdat politieke keuzes vrijwel altijd dilemma’s bevatten. Het huisvestingsplan waarover het college moet besluiten, is daar een voorbeeld van.
Ik wil dat dilemma opsplitsen in drie delen.
- Waarom deze taak?
- Waarom deze plek?
- Waarom dit moment?
1. De taak
Allereerst de taak. Waarom huisvesten we statushouders? Omdat het moet. De wet verplicht het ons. Maar voor mij is het nog belangrijker dat herbergzaamheid voor vreemdelingen een rode draad vormt door de Bijbel. Dat zegt iets over onze grondhouding als SGP. Mensen die vluchten voor oorlog, geweld of vervolging en een verblijfsstatus hebben gekregen, bieden we ook in Papendrecht een plek.
Tegelijkertijd ben ik er niet blind voor dat statushouders beslag leggen op sociale huurwoningen en maatschappelijke voorzieningen. De woningnood is groot. Daarom vind ik het legitiem om bij het uitvoeren van onze taakstelling ook te kijken naar de draagkracht van Papendrecht.
Mocht de druk op de sociale huurvoorraad te groot worden, dan is alternatieve huisvesting voor de SGP bespreekbaar, bijvoorbeeld in omgebouwde kantoor- of bedrijfsruimten. Anders ontstaat het risico dat nieuwe sociale woningen via de voorrangsregeling vrijwel uitsluitend naar statushouders gaan.
De huisvesting van statushouders heeft dus impact. De SGP vindt bovendien dat de instroom van migranten in ons land moet worden beperkt en dat procedures sneller en beter moeten verlopen. Onze Tweede Kamerfractie doet daarvoor ook voortdurend voorstellen.
Maar mijn verantwoordelijkheid als raadslid gaat niet over de vraag of we meer of minder vluchtelingen willen. Mijn verantwoordelijkheid gaat over de vraag hoe we mensen huisvesten die inmiddels een verblijfsstatus hebben gekregen.
2. De plek
Dan het tweede aspect: de plek.
Papendrecht loopt al enkele jaren achter op de taakstelling voor de huisvesting van statushouders. Op de lange termijn hoopt het college dat op te lossen door meer sociale woningen te realiseren, zoals de flexwoningen aan de Noordhoek, en door woningsplitsing. Als aanvullende suggestie geef ik mee om ook naar private initiatieven zoals Stichting Takecarebnb te kijken.
Maar ook op korte termijn moet er iets gebeuren. Daarom kijkt het college naar een gebouw dat leegstaat en relatief snel geschikt gemaakt kan worden: het pand aan de Seringenstraat.
Vanuit bestuurlijk perspectief is dat begrijpelijk. Vanuit het perspectief van omwonenden ligt dat ingewikkelder.
Er leven zorgen over geluidsoverlast, veiligheid en openbare orde. Ook omdat de begeleiding van statushouders anders is ingericht dan die van alleenstaande minderjarige vreemdelingen. Daarnaast hebben omwonenden de communicatie vanuit de gemeente in het verleden niet altijd als voldoende ervaren.
Bovendien leefde bij een deel van de buurt de verwachting dat deze locatie niet opnieuw gebruikt zou worden voor de huisvesting van vluchtelingen.
Daarom heeft de SGP de volgende vragen aan de wethouder.
- Is de wethouder bereid vooraf duidelijke afspraken te maken over openbare orde en veiligheid en de betrokkenheid van de buurt, maatschappelijke organisaties en ondernemers? En hoe worden de verwachtingen en opvattingen van omwonenden meegewogen bij het definitieve besluit?
3. Het moment
Tot slot de timing van het besluit. Papendrecht moet vóór 1 juli een huisvestingsplan opleveren. Zo werkt de besluitvormingssystematiek nu eenmaal. De samenloop met de vorming van een nieuw college is echter ongelukkig. De politieke speelruimte van de huidige wethouder is beperkt.
Vandaag, maandag 22 juni hebben wij dit gesprek. vrijdag 26 juni presenteert de coalitie het nieuwe akkoord. Maandag 29 juni heeft de provincie het gesprek met de wethouder. En 2 juli wordt het nieuwe college beëdigd. Ziedaar de bestuurlijke spagaat waar we in zitten.
De SGP vindt dat de wethouder niet verder hoeft te springen dan zijn polsstok lang is.
Er ligt inmiddels een akkoord tussen PVV, VVD en OP. Wat staat daarin over de huisvesting van statushouders? We hebben geen idee.
- Zijn deze partijen bereid daar nu al duidelijkheid over te geven?
Volgende week 2 juli treedt het nieuwe college aan. De SGP vindt dat de drie coalitiepartijen nu al een grote verantwoordelijkheid dragen. Zij hebben op dit moment al de meerderheid en zullen vanaf volgende week samen het college vormen. Juist daarom moeten zij verantwoordelijkheid nemen voor moeilijke beslissingen.
Vanuit dat perspectief is het van betekenis dat één van de drie beoogde coalitiepartijen, Onafhankelijk Papendrecht, via een persbericht heeft laten weten voor uitstel van besluitvorming te zijn.
-
Zijn de andere twee partijen het daarmee eens?
In het verkiezingsprogramma van de VVD stond dat de bevoegdheid voor besluiten over asielopvang moet terug naar de raad. Ik neem aan dat dat ook geldt voor besluiten over huisvesting van statushouders?
En de PVV geeft ook aan het niet eens te zijn met de keuze voor de Seringenstraat.
Het kan niet zo zijn dat coalitiepartijen zich nu of op een later moment tegen dit huisvestingsplan keren, terwijl hun eigen wethouders het alsnog uitvoeren dankzij steun van oppositiepartijen. Dat laat de SGP niet gebeuren.
Daarom doen wij een voorstel.
De wethouder schrijft een brief aan de provincie waarin hij uitlegt wat de stand van zaken is en het huisvestingsplan zoals dat er nu ligt uiteenzet.
Maar daarin geeft hij ook aan dat het college vanwege de samenloop met de collegevorming nu nog geen definitieve keuze kan maken.
Het nieuwe college neemt vervolgens binnen enkele weken een definitief besluit en informeert de provincie en de raad daarover. In september kunnen we als raad vervolgens alsnog met elkaar het definitieve huisvestingsplan bespreken.
Zo doen we recht aan de bestuurlijke verantwoordelijkheid van de wethouder, aan de bestuurlijke verantwoordelijkheid van de nieuwe coalitie en de politieke werkelijkheid waar we ons in bevinden.